Het was voor een aantal zittende raadsleden de laatste raadsvergadering want zij komen na de verkiezingen niet terug. Voorzitter mw. Sjerps hield in die zin ook haar openingswoord en vroeg toen of van de 22 agendapunten er ook een groot aantal als hamerstuk konden worden afgedaan.
Nou dat was dus niet zo. Bij hand op steking, na de vraag welke agendapunten behandeld diende te worden, beet het CDA de spits af. Lisa Lichthart, afgesplitst van Harlingen belang maar ten einde toch maar naar het CDA over gestapt kan ze in ieder geval mogelijk gekozen worden in de nieuwe raad denk ik, vroeg zich af of het wel voldoende was uitgezocht of het landmark er niet moest komen. Het college stelde voor om niet verder te gaan met een landmark en dat met goede argumenten. In het kielzog kwam Zoodsma, ook CDA aan het spreekgestoelte: “Een goed voorbeeld dat aangeeft dat het college zich niet aan afspraken houdt, want het instellen van een landmark staat in het akkoord op hoofdlijnen.” Daarna een opsomming waarom een landmark noodzakelijk is om dat de mensen niet weten waar Harlingen ligt., een onderzoek moet uitwijzen waar het moet komen en wat het moet worden etc. Ik vind dat het CDA de vergadering heeft gegijzeld om zo vlak voor de verkiezingen nog even te scoren. Bijval natuurlijk van D66, en Wad ’n partij, en later in een bemiddelingspoging de VVD. Want tegen goede voorstellen schoppen is beter dan de argumenten omarmen. Wat zouden de inwoners van een landmark vinden dat nog al duur is en dat eigenlijk niets toevoegt aan de herkenbaarheid van Harlingen. Het hoofdargument was / is dat veel mensen, toeristen en zo niet weten waar Harlingen ligt. Die 40 of 60 duizend die jaarlijks naar de eilanden gaan, kennelijk weten die het wel en de paarduizend mensen die met het gidsenteam elkaar Harlingen ontdekken ook. Daarnaast kun je aan de twee kerk torens, die in Leeuwarden en aan de andere kant in Den Oever al in beeld zijn en dus perfecte landmarks zijn, plus de masten van de monumentale charterschepen die ook vanaf de Rijkswegen goed zichtbaar zijn, laten niets over van het argument ”Mensen weten niet waar Harlingen ligt”. Het CDA vindt dat zaken uit het hoofdlijnen akkoord onwrikbaar zijn en moeten worden uitgevoerd. De rest van de raad deed er het zwijgen toe en dat is terecht want het is gênant dat het CDA zich verlaagd tot verkiezing retoriek waarbij het afscheid van collega raadsleden in de verdrukking komt. Laat Bontebal het maar niet horen.
Harlingen: L. De Jong.
