Over de algenschermen naar de zee lopen

Donderdagmorgen openden gedeputeerde Avine Fokkens van provincie Fryslân en wethouders Erik de Groot en Paul Schoute van gemeente Harlingen de drijvende pier in de Waddenzee. Dit ponton is onderdeel van het project WadNu. Met dit pilotproject zet de gemeente het strand van Harlingen weer op de kaart. Door het  plaatsen van algenschermen, blijft het strand namelijk schoon van algensmurrie.

Gedeputeerde Avine Fokkens van provincie Fryslân en wethouders Erik de Groot en Paul Schoute van gemeente Harlingen op de drijvende pier in de Waddenzee. Foto: Ubbo Posthuma

Friese badcultuur
Harlingen was een van de eerste steden langs de Waddenzee waar een zeebad genomen kon worden. Rond 1910 kwamen er eenvoudige voorzieningen om onder toezicht een zeebad te kunnen nemen. Zonnebaden en zeezwemmen aan het strand bij de Westerzeedijk in Harlingen is in de loop der jaren minder aantrekkelijk geworden voor toeristen en inwoners. Dit komt omdat er in het recreatie seizoen af en toe algensmurrie op het strand ligt. Men kan daardoor de zee niet met schone voeten bereiken.

Plaatsen algenschermen tegen algensmurrie
De pilot start met vier drijvende schermen van elk 25 meter. Ze moeten voorkomen dat de algensmurrie kan aanspoelen op het strand. Wethouder Erik de Groot: “Natuurlijk blijft het afwachten of de pilot het gewenste effect heeft. Daarom gaan we uitgebreid monitoren of de hoeveelheid algensmurrie afneemt en of de schermen impact hebben op de natuur. Als de pilot succesvol blijkt, komen er in 2022 nog minimaal zes schermen van 25 meter bij.”


Ponton: ‘lopen over water’
De schermen worden opgehangen aan pontons en drijvers. Het ponton is dit jaar verlengd van 50 naar 200 meter. Wethouder Paul Schoute: “Dit is fantastisch. Recreanten kunnen over het ponton de zee in lopen en bij vloed op een unieke manier van de Waddenzee genieten. Vanwege de geldende RIVM maatregelen hebben we het ponton ook verbreed naar drie meter. Zo kunnen recreanten op het ponton de anderhalve meter afstand houden.”